Fiscale kengetallen

Toelichting bij de kerncijfers

1. Voordelen alle aard

A. Voordeel alle aard personenwagen

Indien een werkgever (vennootschap of eenmanszaak) een wagen ter beschikking stelt aan zijn werknemer of bedrijfsleider en het voertuig mag ook gebruikt worden voor persoonlijk gebruik ontstaat hiervoor een voordeel alle aard. Het voordeel alle aard voor de personenwagen wordt als volgt berekend:

cataloguswaarde x CO² percentage x 6/7 x coëfficiënt gebruiksduur

De cataloguswaarde bestaat uit de catalogusprijs van het voertuig in nieuwe staat bij verkoop aan particulieren, verhoogd met de waarde van alle opties, option packs en accessoires en met de werkelijk betaalde BTW op de aankoopfactuur. Kortingen en verminderingen die u heeft verkregen op de factuur mogen niet van deze catalogusprijs worden afgetrokken. Het basispercentage CO² is in de berekening 5,5%. Dit percentage komt overeen met de referentie-uitstoot. De uitstoot van uw wagen wordt vergeleken met deze referentie-uitstoot. Ligt de CO²-uitstoot van uw wagen hoger dan de referentie-uitstoot, dan wordt het berekeningspercentage verhoogd met 0,1% per gram CO², met een maximum van 18%. Ligt de CO²-uitstoot van uw wagen lager dan de referentie-uitstoot, dan wordt het berekeningspercentage verlaagd met 0,1% per gram CO², met een minimum van 4%. Indien er geen CO²-gegevens beschikbaar zijn voor uw voertuig, dan wordt de CO²-uitstoot forfaitair bepaald op 195 gram/km voor dieselwagens en 205 gram/km voor alle andere type wagens. De coëfficiënt gebruiksduur (ouderdom) is gebaseerd op de periode verstreken sinds de eerste inschrijving van het voertuig (een begonnen maand telt voor een volledige maand).

Periode verstrekenCoëfficiënt gebruiksduur
Van 0 tot 12 maanden100%
Van 13 tot 24 maanden94%
Van 25 tot 36 maanden88%
Van 37 tot 48 maanden82%
Van 49 tot 60 maanden76%
Vanaf 61 maanden70%

B. Voordeel alle aard voor de woning

Wanneer een bedrijfsleider gratis mag wonen in een woning of een gedeelte van de woning van de vennootschap, geeft dit aanleiding tot een belastbaar voordeel alle aard. Voor de bepaling wordt gekeken naar het deel van het niet-geïndexeerde kadastraal inkomen dat overeenstemt met het privé-matig gebruikt gedeelte van de woning. Ligt dit lager dan 745 euro, dan zal u belast worden op:

geïndexeerde kadastraal inkomen x 1,25 x 100/60

Ligt het kadastraal inkomen hoger dan 745 euro, dan wordt u belast op:

geïndexeerde kadastraal inkomen x 3,8 x 100/60

Wanneer het gaat om een gemeubelde woning, moet u het voordeel alle aard nogmaals vermenigvuldigen met 5/3.

KalenderjaarIndexatiecoëfficiënt
20131,6813
20141,7000
20151,7057
20161,7153
20171,7491

C. Voordeel alle aard verwarming en elektriciteit

De kosteloze verstrekking van verwarming en elektriciteit wordt door de fiscus forfaitair gewaardeerd, ongeacht het werkelijke verbruik. Er wordt een onderscheid gemaakt of de genieter van de kosteloze verstrekking een bedrijfsleider/leidinggevend personeel of niet is. Ingeval van bedrijfsleiders en ander leidinggevend personeel gelden de volgende forfaitaire bedragen:

KalenderjaarVerwarmingElektriciteit
20131.870,00 euro930,00 euro
20141.900,00 euro940,00 euro
20151.900,00 euro940,00 euro
20161.910,00 euro950,00 euro
20171.950,00 euro970,00 euro
Indien het gaat om andere verkrijgers, dan gelden de volgende forfaitaire bedragen:
KalenderjaarVerwarmingElektriciteit
2013840,00 euro420,00 euro
2014850,00 euro430,00 euro
2015860,00 euro430,00 euro
2016860,00 euro430,00 euro
2017880,00 euro440,00 euro

D. Voordeel alle aard telefoon, internet en computer

Indien een bedrijfsleider gratis gebruik mag maken van een telefoon of GSM, internetverbinding of computer voor privé-matig gebruik, dan wordt hij hiervoor door de fiscus belast op een forfaitair bedrag.

KalenderjaarTelefoonInternetComputer
2013150,00 euro60,00 euro180,00 euro
2014150,00 euro60,00 euro180,00 euro
2015150,00 euro60,00 euro180,00 euro
2016150,00 euro60,00 euro180,00 euro

E. Voordeel alle aard renteloze of goedkope lening

Wanneer een bedrijfsleider een renteloze lening krijgt of een lening tegen een verminderde rentevoet, dan krijgt hij een voordeel alle aard. Het voordeel wordt berekend op basis van het verschil tussen de referentierentevoet en de rentevoet die effectief aan de ontlener werd aangerekend. Veel voorkomend is dat de bedrijfsleider een debetstand rekening-courant heeft. Het voordeel alle aard wordt dan berekend op de gemiddelde stand van de rekening-courant tegen de wettelijke rentevoet voor niet-hypothecaire leningen zonder welbepaalde termijn:

KalenderjaarDebetintresten RC
20129,50 %
20138,80 %
20149,20 %
20158,16 %
2. Bonificatie voorafbetaling
Vennootschappen en eenmanszaken moeten in de loop van hun boekjaar voorafbetalingen doen. Doen ze dit niet, dan volgt er een belastingvermeerdering. KMO-vennootschappen en beginnende zelfstandigen hoeven in de eerste drie boekjaren geen voorafbetalingen te doen en zullen ook geen belastingvermeerdering krijgen.

Door voorafbetalingen te doen kan u deze vermeerdering beperken of neutraliseren. Afhankelijk van het tijdstip van de voorafbetaling is er namelijk een voordeel verbonden aan de voorafbetaling. Daarbij geldt dat hoe vroeger u vooraf betaalt, hoe groter het voordeel zal zijn.

De belastingvermeerdering en de voordelen bedragen:

 Kalenderjaar 2014
Aanslagjaar 2015
Kalenderjaar 2015
Aanslagjaar 2016
Kalenderjaar 2016
Aanslagjaar 2017
Globale vermeerdering1,69 %1,13 %1,125 %
VA 1 - uiterlijk10 april2,25 %1,50 %1,50 %
VA 2 - uiterlijk10 juli1,88 %1,25 %1,25 %
VA 3 - uiterlijk 10 oktober1,50 %1,00 %1,00 %
VA 4 - uiterlijk 20 december1,13 %0,75 %0,75 %

De data gelden voor een boekjaar dat loopt van 1 januari tot 31 december. Wanneer het boekjaar niet gelijk loopt met het kalenderjaar, schuiven de data mee op. Loopt uw boekjaar bv. van 1 april tot 31 maart, dan moet de eerste voorafbetaling gebeuren tegen 10 juli, de laatste tegen 20 maart.

De vermeerdering is niet verschuldigd wanneer het bedrag van de vermeerdering niet hoger dan 40 euro is of lager dan 1% van de belasting waarop ze berekend wordt.

3. Aftrekbaarheid autokosten
De autokosten kunnen fiscaal gezien maar beperkt worden afgetrokken. Voor eenmanszaken geldt dat de autokosten 75% aftrekbaar zijn. Voor vennootschappen wordt een onderscheid gemaakt tussen brandstofkosten en overige kosten.

Brandstofkosten zijn in de vennootschap 75% fiscaal aftrekbaar.

Voor de overige kosten (aankoop, onderhoud, herstellingen, autokeuring, carwash, verzekering, verkeersbelasting, …) is de aftrekbaarheid van deze kosten afhankelijk van het type brandstof van de wagen en de CO²-uitstoot van die wagen.

Voor dieselwagens gelden volgende aftrekpercentages afhankelijk van de CO²-uitstoot:

CO2 - uitstootFiscale aftrekbaarheid
0 - 60100%
61 - 10590%
106 - 11580%
116- 14575%
146- 17070%
171- 19560%
195 - 50%

Voor benzinewagens gelden volgende aftrekpercentages afhankelijk van de CO² -uitstoot:

CO2 - uitstootFiscale aftrekbaarheid
0 - 60100%
61 - 10590%
106 - 11580%
126- 15575%
156- 18070%
181- 20560%
205 - 50%

Kosten voor elektrische wagens mogen 120% afgetrokken worden.

Zowel voor de eenmanszaken als voor de vennootschappen geldt dat de volgende kosten 100% aftrekbaar zijn:

  • Financieringskosten (intrest lening, leasing, renting, huur, …)
  • Kosten GSM in de wagen, legale radarverkenners
  • Parkingkosten voor klanten en leveranciers
  • Aanleg parking
  • Kosten voor opslaan van brandstof
4. Forfaitaire dagvergoeding bedrijfsleiders
Een forfaitaire dagvergoeding is een forfaitair bedrag dat u zichzelf kan uitkeren per dag die u niet op kantoor werkt. Het bedrag is een compensatie voor de kleine kosten die u maakt voor maaltijden en andere kleine kosten (vervoer, parking, taxi, …).

Om een forfaitaire dagvergoeding te kunnen uitkeren moet u kunnen bewijzen dat u effectief buitenhuis heeft gewerkt. Hou dus steeds uw agenda bij met de afspraken die buiten het kantoor hebben plaatsgevonden. Daarnaast kan de dagvergoeding ook enkel toegekend worden indien u minstens 5 uur afwezig bent van kantoor en op verplaatsing werkt.

De forfaitaire dagvergoeding is voor 100% fiscaal aftrekbaar. Voor de ontvanger van de vergoeding is er geen taxatie op persoonlijke naam, omdat het gaat om een zuivere terugbetaling van werkelijke beroepskosten.

Vanaf 1 januari 2014 is er geen sprake meer van verschillende tarieven naar gelang de personeelscategorie waaronder u gecatalogeerd bent. Volgende eenvormige tarieven zijn van toepassing:

Meer dan 8 uur19,22 euro
Tussen de 5 en 8 uur3,82 euro
Kosteloos logies23,04 euro
Niet kosteloos logies43,79 euro

Hogere forfaitaire vergoedingen zijn mogelijk maar er dient wel een dubbel bewijs geleverd te worden:

  • De vergoeding werd duidelijk betaald voor het dekken van kosten die eigen zijn aan de werkgever
  • De vergoeding is daadwerkelijk aan dergelijke uitgaven besteed.

Dus een deelname aan seminaries of beurzen en hotelkosten zitten niet in de forfaitaire dagvergoeding en deze kan u dus apart inbrengen via facturen of bonnetjes.

5. Notionele intrestaftrek
Voor de financiering van de onderneming kan er gebruik gemaakt worden van vreemd vermogen of eigen vermogen. De vergoeding van het vreemd vermogen is volledig fiscaal aftrekbaar maar dat van eigen kapitaal niet. Om deze discriminatie tussen de beide financieringsvormen te beperken is de aftrek voor risicokapitaal in het leven geroepen. Vennootschappen mogen van hun belastbare winst een bepaald percentage van hun gecorrigeerd eigen vermogen aftrekken.

Hierbij wordt een onderscheid gemaakt tussen kleine en grote vennootschappen, waarbij kleine vennootschappen kunnen genieten van een hogere intrestaftrek.

Kleine vennootschappen zijn in dit kader vennootschappen die de laatste 2 boekjaren gemiddeld minder dan 100 werknemers hadden en niet meer dan één van de volgende criteria overschrijden:

  • gemiddeld personeelsbestand: 50 werknemers
  • jaaromzet exclusief BTW: 7.300.000 euro
  • balanstotaal: 3.650.000 euro

De criteria worden op geconsolideerde basis berekend. Dit houdt in dat de cijfers van alle verbonden ondernemingen met elkaar opgeteld moeten worden.
De notionele intrestaftrek wordt berekend op het gecorrigeerd eigen vermogen. Op dit gecorrigeerd eigen vermogen mag het volgende tarief worden toegepast, afhankelijk van aanslagjaar en of u een kleine of grote vennootschap bent.

AanslagjaarKleine vennootschappenGrote vennootschappen
20133,500 %3,000 %
20143,242%2,742 %
20153,130 %2,630 %
20162,130 %1,630 %
20171,631 %1,131 %